Uitgebreid werd er stil gestaan bij de mogelijkheden en noodzaak voor het huisvesten van arbeidsmigranten, tijdens een expertbijeenkomst in de Raadzaal op 31 januari. De noodzaak, omdat we in Westland de extra handen nu eenmaal nodig hebben, de mogelijkheden omdat er nog al wat migranten zijn en er veel gespeculeerd wordt over de aantallen die in Nederland zouden blijven.
Inmiddels wordt steeds meer duidelijk dat toch zeker richting de 40% van de, vooral Poolse, arbeidsmigranten ervoor kiest om in Nederland te blijven. Veel van deze blijvers doen hun best om te integreren, te zoeken naar een woning, het leren van de taal, et cetera. Maar vooral het zoeken van een woning levert problemen op in de maatschappij. Voor deze blijvende migranten is het zaak dat zij kunnen integreren en dus niet ergens in wijken bij elkaar worden gestopt. Dat neemt niet weg dat er door hun keuze om te blijven, een extra druk op de woningmarkt komt. We willen niet dat onze eigen Westlanders nergens meer kunnen wonen in betaalbare huizen, omdat de vraag door de toenemende migranten groter wordt en het aanbod niet wordt aangepast.
Op dit moment is dat wel het geval, vooral voor jongeren die op zoek zijn naar, eventueel tijdelijk, een woning. Panden die leeg staan en door de gemeente in beheer zijn gegeven aan de organisatie Camelot, worden voor een zeer groot gedeelte verhuurt aan Poolse arbeidsmigranten en niet aan onze eigen jongeren.
Maar het is daarnaast niet aan de gemeente om het te bouwen aanbod aan te passen op de veranderingen van de migratie. Dat is een taak voor de woningbouwcoöperaties en projectontwikkelaars. Deze moeten hun plannen aan passen op de verwachtingen en meer investeren in betaalbare woonprojecten. Dan hebben we het niet over dure grote huizen, maar drie en vierkamer woningen voor prijzen onder de twee ton. Alleen op deze manier kan voorkomen worden dat er over tien jaar grote problemen ontstaan rondom de huisvesting. Ook geld natuurlijk dat de migrant welke wil blijven, hetzelfde pad moet bewandelen als ieder ander die op zoek is naar een woning. Geen voortrekkerij, dat willen ze zelf ook niet.
De tijdelijke huisvesting is een ander verhaal. Het gaat om mensen die naar ons Westland komen om hier het werk te doen waar veel anderen zich te goed voor voelen. Prima dat ze dit willen doen, maar daar mag wel iets tegen overstaan. Huisvesting daarvan op zich is echter geen overheidstaak. Het is aan de werkgevers c.q. uitzendbureaus om het voor deze mensen aantrekkelijk te maken om hier te komen werken. Dat houd in dat er ook voor huisvesting gezorgd moet worden, betaalbare huisvesting. Wat de gemeente daar wel aan kan doen, is het faciliteren aan gronden, vergunningen en bestemmingen. Er is meer dan voldoende grond in het bezit van de gemeente, denk maar eens aan de Poelzone, Westlandse Zoom en andere gebieden. Veel van deze gronden worden de komende jaren niet tot nauwelijks benut en kunnen voor een periode van tien tot vijftien jaar prima worden bestemd voor tijdelijke huisvesting. De ontwikkeling ervan is echter aan werkgevers en hun partners. De wil daarvoor is er voldoende, dus laat de gemeente hier aan mee werken, dan voorkom je grote problemen. Vooroordelen kunnen worden vermeden door, van te voren, met omwonenden te gaan praten. Geef voorbeelden: er staan twee hotels in Westland voor de migranten en de problemen daar zijn ver te zoeken.
Aanpakken dus, toelaten en meewerken. VVD Westland heeft voldoende vertrouwen in de Westlandse ondernemers om er in te geloven dat zij dit tot een prima uitvoering kunnen brengen.